Vitamines: deel 2
Het is een vrije schooldag en we rijden richting Nederland. De sfeer in de auto is uitgelaten en verwachtingsvol. Het kinderlijk enthousiasme werkt aanstekelijk en even denk ik de staalharde greep van de ijzeren klauw rond mijn hart niet te voelen. Er is een plaats leeg in de auto. Een familieuitstap, maar dan wel eentje zonder hem. Moeilijk gaat ook, durven we wel eens te zeggen, maar er is geen leugen groter. Moeilijk gaat helemaal niet. Ik bedenk me dat het deugd doet zo, zonder hem en zijn angsten. Mijn maag knijpt samen, want is dit dan nu het nieuwe normaal? Waar is mijn kind toch gebleven?
Vier maanden nu zoeken we als familie een nieuwe routine. Vier maanden proberen we allemaal een andere plaats in te nemen in de dynamiek van ons gezin. Vier maanden sinds de diagnose ASS en posttraumatische kenmerken. Vier lange maanden waarin rondom ons de zaken in handen worden genomen, bereidwilligheid wordt getoond en vier maanden van chaos. En wat een verademing als je toegang krijgt tot hulp, wat een troost als je voelt dat mensen de handen in elkaar slaan om je kind te dragen over het woelige water van zijn leven.
Mijn hoofd bonkt wanneer ik de inhoud van een volle brooddoos de vuilnisbak in kieper. Ik pak mijn zoon vast en voel zijn knokige schouders in mijn warme greep enigszins ontspannen. Het stormt in mijn hoofd. De liefde van mijn kind gaat niet meer door de maag. Als je je buik vol hebt van het leven kan er niets meer bij. Ik zie hem dunner en zwakker worden, zijn lichaam, het licht in zijn ogen. 's Nachts lig ik wakker. Als je hoofd vol zit met zorgen, kan er geen rust meer bij.
We zijn een kind verloren. Ik hoor het mezelf zeggen, met verbazing, maar ik meen het. Er wordt me verzekerd dat mijn goedlachse, lieve knulletje van jaren geleden daar nog wel ergens zit en ik doe mijn uiterste best het te geloven. Maar er branden hete tranen achter mijn ogen en in mijn hoofd. Het voelt alsof we rouwen. Thuis zijn we boos, gefrustreerd, elkaar verloren. Ik sta te huilen in de tuin bij mijn lieve ouders. Ik sta overal maar te huilen. Mijn kind zit futloos op de bank in de regen.
Omgaan met ASS in je gezin: omgaan met een nieuwe visie op de toekomst, blijven geloven in de hulp die je zoekt en eindelijk krijgt, niet opgeven, moed houden, vallen en elke dag weer opstaan, achterdochtig zijn op goede dagen, moedeloos zijn op slechte dagen, geloven in het nemen van een stap achteruit, aanpassingen doen, nadenken voor je spreekt en liefst meer dan twee keer, afwegen, falen en weer falen en opnieuw falen, eindeloos blijven houden van je kind, van je nieuwe kind, je vastklampen aan de grote mensen rond je en vooral niet opgeven, nooit opgeven.
Naast elkaar voor een klein schermpje met slechte belichting luisteren we naar de opties waaruit we kunnen kiezen. We nemen een stap terug, of zo voelt het wel, om later een sprong vooruit te maken. Medicatie.
Ik slik, het is voor ieder een bittere pil en ik wens dat het toch maar gewoon vitamines konden zijn.


Reacties