En dan valt hij weer.

Heel hoog boven ons loopt mijn zoon op het dak van een appartementsgebouw. Ik kan het niet tellen, noch schatten, maar misschien zijn er wel 10 verdiepingen, soms lijken het er 50.  Hij staat torenhoog, veel te ver om hem eigenlijk goed te zien. Ik kan zelfs niet meer waarnemen of het werkelijk hem is, mijn eigen kind, maar ik voel dat ik het weet. Ik wéét het: het is mijn zoon die daarboven staat. Wat ik wel zie, is dat hij gevaarlijk dicht bij de rand staat. Nu eens lijkt hij zich wat terug te trekken en dan weer balanceert hij op de dakrand.

En soms valt hij naar beneden. Of hij... springt?

Mijn man en ik staan helemaal beneden en doen wat we kunnen. We maken een vangnet met niet alleen onze armen, maar we verstrengelen ook de liefde, de hoop, het licht en alles wat we hem daarboven te bieden hebben ineen en hopen dat het genoeg is. Dat er genoeg sterkte en veerkracht is. Hij valt, we vangen de klap op en deinzen achteruit. Mijn zoon staat op en begint meteen weer aan de klim naar boven. Er is geen energie meer over om hem tegen te houden. We zetten ons weer klaar, weldra zal hij weer vallen. Of springen? 

Na de volgende val doen onze armen zeer. Er kruipt een vermoeidheid in die zich als een schimmel langzaam verspreid in onze hoofden en rond ons hart. Ik voel dat er nog weinig rek zit op die veerkracht die we al jaren aanspreken. We moeten ons omringen. 

Wanneer we rond ons kijken en vragen aan al wie dicht staat, blijkt dat niemand hem ziet staan. Daarboven, zo dicht bij de horizon. Ik kijk op en vang zijn silhouet meteen in mijn blikveld. Hij is dáár. Ik praat, ik wijs, ik leg uit en in doe verwoed mijn best om hem te tonen, om hem te laten zien. Maar het wordt pas helemaal duidelijk wanneer we weer alleen zijn, hij en wij. Er zit niets anders op dan weer onze armen uit te steken en de volgende weerslag met moed te dragen. 

En dan valt hij weer.

ASS is voor ons een verhaal dat zich voornamelijk binnenskamers afspeelt. Onze zoon heeft het vermogen en de wilskracht om in de maatschappij, op school, bij familie zich voor te doen zoals hij ooit leerde hoe het hoort. Het is pas recent en af en toe dat zijn gemetselde muren met aangeleerd cement barsten begint te vertonen. Dat maakt ook dat wij als ouders de enige zijn die de volle kracht van de ASS op de schouders voelen neerkomen. Uitleggen hoe het binnen de muren van onze thuis is, heeft lang niet hetzelfde effect als het zelf meemaken. In dit verhaal staan we meestal alleen. "Hij moet het leren", "Laat hem maar even doen", "Je legt er misschien te veel eieren onder". Het zijn stuk voor stuk niet alleen onwaarheden, maar daarnaast ook pijnlijke uitspraken die de moeilijkheid van onze huidige realiteit niet erkennen. 

Reacties

Populaire posts